Het is voor ons beiden nog wat vreemd om een interview te regelen via Teams, maar met het coronavirus dat wild om zich heen slaat, nemen we het zekere voor het onzekere. Dan popt een duidelijk beeld van collega Marc Gilliaert van de dienst Controle Op de Weg en Accijnzen’ Oostende op mijn scherm. De verbinding met Antwerpen is prima. We kunnen van start gaan…

Marc, waar haalde jij de voorbije jaren zoal de mosterd op douanegebied?

Als opsteller startte ik in 1982 in de haven van Antwerpen waar ik op KB 480 begon. In 1983 kon ik aan de slag op de Controle Noord IV op dok 338. In 1985 kon ik aan de slag op de directiedienst Douane 1 waar we ons ontfermden over vergunningen, entrepots, oorsprong van goederen enzovoort. Bij mijn benoeming tot adjunct-verificateur kreeg ik een plaatsje op de dienst Geschillen.

Tijdens mijn opleiding verificateur in de vroegere verificateurschool zat ik in de klas naast Marie-Jeanne Boutsen, die nu hier in Oostende hoofd is van onze dienst COW (Controle Op de Weg en Accijnzen), de dienst Luchthaven en de dienst Zeehaven. Toen ik vertrok op de Controle Noord IV heeft zij ook nog op deze dienst gewerkt.

Na jaren vroeg opstaan, laat thuiskomen en pendelen op overvolle treinen, mocht ik als verificateur eindelijk dichter tegen mijn woonplaats gaan werken op de Verificatiedienst te Oostende. 7 maanden later al werd ik echter overgeplaatst naar de Controlesectie Accijnzen te Brugge. Iets totaal anders! Niet meer hele dagen achter een bureau, maar met een R4’tje (Renault) bolde ik naar de landbouwers en aannemers in de buurt om hen te controleren op het al dan niet toegelaten gebruik van rode gasolie.
Als adjunct-ontvanger van Norbert Roothaert keerde ik dan terug naar het bureauwerk op het kantoor van Oostende, tot Marc Montens, toenmalig hoofdcontroleur van de Motorbrigade Oostende – heet nu dus Controle Openbare Weg (COW) - me verwelkomde bij zijn team. Deze job sprak me enorm aan: alle dagen op de baan en mensen ontmoeten… Aanvankelijk wilde ik immers rijkswachter worden, maar vanwege mijn bril werd ik medisch geweigerd.



Je vertelde me daarnet dat jullie op de wegen rond de kust fungeren als het tweede vangnet van de buitengrens. Kan je ons dat eens verduidelijken a.u.b.?

Aan de buitengrens kunnen onze collega's niet alle goederen controleren. Zo heb je altijd voertuigen die door de mazen van het net glippen en zo Europa binnenkomen.
Binnen ons gebied controleren we op de drukke verkeerswegen de voertuigen die uit het Verenigd Koninkrijk (VK) of Frankrijk richting binnenland rijden of zij die uit Europa naar de VK gaan. Via de openbare weg slagen we er toch in regelmatig foute zendingen te onderscheppen.



Naast deze soms vrij spectaculaire vangsten wil jij de jonge collega’s binnen je team ook warm maken voor de gewone douanetaken, is het niet?

Ja, jongeren krijgen niet meer de brede basisopleiding van langere duur zoals wij vroeger. Ze moeten verder bekwaamd worden on the job.

Natuurlijk is het spannend een camion zonder opschriften staande te houden in de hoop een illegale vracht zoals drugs, namaaksigaretten of zelfs wapens in de bagageruimte aan te treffen. Maar voor hetzelfde geld gaat het om een Russische vrachtwagenchauffeur die nog een uitprint van een elektronische ingevoerde Carnet TIR bij heeft. Dan is het belangrijk om de verzegeling te controleren en het certificaat van goedkeuring van de Carnet TIR samen met de bijgevoegde foto’s van de vrachtwagen.

Ik leer ze aandacht te hebben voor het volledige voertuig: te beginnen bij de boorddocumenten, de rij- en rusttijden van de chauffeur en controle op eventueel misbruik van rode gasolie. Vervolgens checken we begeleidingsdocumenten: CMR’s en T-documenten, IM of EX en Carnet TIR bij de douanegoederen en e-AD’s, VGD’s en facturen bij accijnsgoederen om tot slot de lading van dichtbij te bekijken.

Een koffer spreekt soms boekdelen. Tref je enkel voedingsmiddelen aan, dan was dit duidelijk een tripje naar de supermarkt. Zit er een tas tussen? Open die dan even, want misschien zit ze wel vol zwart geld dat ze hopen wit te wassen. Gaat het om klusmateriaal van de Hubo of de Gamma, wees dan alert. Ook onderdelen voor de opbouw van een wietplantage kan je in die winkels vinden.

Er werken ook heel wat specialisten in ons team. Om er maar enkele te noemen: Frank Krijger en Vania Detrez: beiden hebben jaren ervaring als hondengeleider. Echte speurneuzen waar jongeren nog veel van kunnen leren. Dan is er ook nog Philippe Boeve, onze tachograaf-specialist en secretaris. En tot slot onze motorrijder Hein Vandewalle die ook door de jaren ervaring samen met zijn collega's-motorrijders frauduleuze transporten hebben onderschept.



Werken jullie voor een stuk ook op buikgevoel. Kan je ons daarover iets vertellen?

Ik lichtte daarnet een tipje van de sluier over de blanco bestelwagens die veel te zwaar beladen zijn. Dat gaat ook op voor oude camions met kapotte, versleten dekzeilen. Die komen vaak oorspronkelijk uit Engeland. Het stuur zit aan de rechterkant en de Engelse nummerplaat is vaak vervangen door een Bulgaarse, Roemeense enzovoort met een Britse lay-out.

Oogcontact is enorm belangrijk! Vrachtwagenchauffeurs rijden normaal ongeveer tegen 90 km per uur. Er zijn er die onmiddellijk vertragen van zodra ze onze wagen in het vizier krijgen. Dat is misschien een teken dat er iets mis is. Laat de chauffeur stoppen en kijk hem recht in de ogen zodra de deur opengaat. Ze zijn misschien niet opzichtig nerveus, maar je kan veel afleiden uit die eerste blik.

Diezelfde strategie passen we toe op de Flixbussen die reizigers van Zaventem/Schiphol naar Engeland vervoeren. Misschien smokkelt er wel eentje drugs of tabakswaren. De Franse douane heeft in zo'n reisbus kort na de aanslagen zelfs een IS-strijder aangetroffen.

Toch wil ik beklemtonen dat buikgevoel speelt, maar dat we ons moeten behoeden voor vooroordelen.



Je zal ook wel al veel meegemaakt hebben in al die jaren, wil je daarover iets kwijt aan onze lezers?

Ja, er is heel wat gebeurd natuurlijk. Maar wat mij persoonlijk bijgebleven is, zijn de emoties die me parten speelden bij sommige controles.
Zo troffen we in een vrachtwagen een jong koppeltje aan met een zieke hond die zelfs aan een baxter hing. Ze konden echter geen eurovignet voorleggen. Om ons af te leiden, hadden ze het echter constant over hun hondje. We twijfelden. Ze hadden geen 250 euro om een eurovignet aan te schaffen, maar ze vroegen ons wel een dierenarts ter plaatse te laten komen?! We hebben er dan maar mee ingestemd.
Ondertussen had hondengeleider Frank gevraagd om de bagageruimte te openen en al gauw bleek dat ons buikgevoel ons weer niet bedroog. Onze speurhond ontdekte tussen de lading namelijk 2 sporttassen met daarin 80 kg marihuana!
Op dat moment kampten we toch met een dubbel gevoel; enerzijds was er dat sentiment voor het hondje dat volgens de opgetrommelde dierenarts moest inslapen en anderzijds vervoerde dit koppel wel verdovende middelen! Het leven is niet zwart-wit, zie je wel.

Ik herinner me ook de eerste opvang van Kosovaarse vluchtelingen toen er in de jaren ’90 oorlog uitbrak in voormalig Joegoslavië. Toen we hen aantroffen in de vrachtwagens hadden ze alles bij wat ze dragen konden. De angst stond in de ogen van hun kinderen. Die mensen smeekten om aandacht en vroegen ons echt om hulp. Wij hadden zo met hen te doen en kochten met eigen geld wat voedsel. De vluchtelingen die we nu tegenkomen, lopen juist weg zodra we hen in de gaten krijgen. Toch heb ik ook met deze mensen medelijden, want datgene wat ze meemaken met de mensensmokkelaars is bijzonder triest.

Gelukkig hebben we nog niet veel te maken gehad met ernstige ongevallen waarbij collega's betrokken waren. Enkel het overlijden van collega Luc Provoost zal me altijd bijblijven.


Anderzijds is er het verbaal en soms fysiek geweld, dat je toch ook parten speelt. Zo hadden we de verzegeling van een vrachtwagen gebroken om de lading van dichtbij te kunnen controleren. De Duitse vrachtwagenchauffeur wilde achteraf echter een nieuw loodje. Maar dat deden we normaal niet; ze kregen een stempel op de CMR. Ik geef toe dat ik van het temperamentvolle type ben en hoe harder de Duister riep, mijn stem ook geleidelijk de hoogte in ging. Dat leidde tot een conflict want de man sloeg me op de borst. Gelukkig kon mijn compagnon Geert Debruyne, die diplomatischer is als ikzelf, de gemoederen bedaren en de Duitser is tevreden vertrokken met enkel een stempel.

Eind goed, al goed dus...




Bedankt Marc, voor deze fijne getuigenis.
 
Collega Marc Gilliaert
"Kijk de mensen
                 in de ogen"



Marc en Marie-Jeanne bij Franse douane
Collega Marc Gilliaert
Marc en Marie-Jeanne bij Franse douane
28.01.2021   •   Tekst: Anne Van Puymbroeck   •   Foto's: Marc Gilliaert   •    Bewerking foto Marc bovenaan: Bruno Kayaert