Ik werd genomineerd …(deel 2)
Op 25 januari 2019 zullen ter gelegenheid van de Internationale Douanedag weer verschillende collega's genomineerd en gehuldigd worden vanwege hun opmerkelijke verdiensten in onze administratie.
Wij spraken Claudine Rosier, Philippe Authelet, Willy Troubleyn en Andy Peiffer in deel 1. Nu zijn Annie Vanherpe, Luc Mas en Marie-Claire Behets-Wydemans aan het woord.
Marie-Claire, wat zijn jou taken binnen onze administratie en hoelang voer je die al uit?

Ik werk voor de dienst Wetgeving - Tarief; ik ben nu sinds iets meer dan 5 jaar verantwoordelijk voor het team "Handelsbeleid, specifieke tariefmaatregelen" en ben al bijna 3 jaar verantwoordelijk voor de "Douanewaarde".
Het is de taak van mijn team om toezicht te houden op de ontwikkeling van de regelgeving inzake tariefcontingenten en -schorsingen, antidumping- en antisubsidiemaatregelen, alle specifieke tariefmaatregelen inclusief het eindgebruiksregime en ten slotte de regeling van de waarde.
Anderzijds zorgen wij ook voor het dagelijkse beheer van aanvragen voor tariefcontingenten en tot slot stellen we de verschillende tariefadviezen, notities en circulaires op die nodig zijn voor de juiste toepassing van al deze voorschriften.
Naast deze taken neemt mijn team ook deel aan ad hoc-vergaderingen bij de Europese Commissie, de WDO, de Internationale Kamer van Koophandel en werkt het regelmatig samen met andere afdelingen van de Centrale Diensten.

Wat motiveert je elke dag?

Het motiveert mij als ik collega's of klanten kan helpen bij het oplossen van hun probleem of dossiers en hun een ander perspectief kan geven op de verordening door aan hen duidelijk uit te leggen hoe ze de verordening moeten interpreteren.
Het schrijven van notities of omzendbrieven is geen gemakkelijke klus. Ik zou zelfs zeggen dat het een vervelend werkje is, maar zodra de flyer of de nota voltooid en gepubliceerd is, kan de tevredenheid van het werk me echt motiveren, zeker als ik goede reacties krijg.

Was de nominatie een verrassing voor jou?

De persoon die mijn naam opgaf, vertelde me dat nadien. Dit was voor mij een totale verrassing, vooral omdat dit voorstel afkomstig was van een Nederlandstalige collega uit Antwerpen. Maar ik moet toegeven dat ik er niet van uitging dat mijn naam uiteindelijk zou gekozen worden. Ik veronderstelde dat veel andere collega's het zeker meer verdienden dan ik. Op die manier werd ik een tweede keer verrast.

Heb je leuke reactie gekregen?

De opmerkingen en e-mails die ik ontving in de uren en dagen die volgden, vond ik het leukst omdat ze spontaan en heel erg vriendelijk waren.

Luc, vertel ons eens beknopt iets over je carrière en je engagement. En wil je met ons ook delen wat deze nominatie voor je betekent?

Na een aantal maanden bij de privé gewerkt te hebben, kwam ik bij deze administratie. Zoals vele collega’s begon ik in Antwerpen in het monumentale Entrepotgebouw. Daar moest ik ook avond- en nachtshiften lopen, maar aangezien ik in Limburg woon(de) was het niet evident om elke dag huiswaarts te keren. Tussen mijn ene shift en de andere zaten soms maar vijf uurtjes vrij. Ik bleef dan slapen op de bank bij de stoker van dienst.

Dat was begin jaren ’80. Vervolgens muteerde ik naar het grenskantoor Boorsem. Daar werkte ik tot eind 1992 toen door eenmaking van Europa de binnengrenzen verdwenen. Dan heb ik het geluk gekend voor de directiediensten Hasselt te kunnen werken: eerst op de dienst Vergunningen en later als communicatieambtenaar op de dienst PFC. Vooral bij deze dienst Planning, Financiën en Communicatie kreeg ik een beter overzicht van wat er bij onze administratie reilde en zeilde en het was één van mijn taken om de mensen op het terrein daarover in te lichten. Dat gaf me de kans en de voldoening dat ik vele collega’s heb kunnen helpen.

Momenteel werk ik nog enkele weken bij de Regiekamer Hasselt waar ik samen met het team de uit te voeren controles plan. In het kader van het NCTS-gebeuren vervullen we de dispatchrol en in zeker mate ondersteunen we bedrijven bij technische problemen (bv. de noodprocedures).

Inmiddels doe ik dit specifieke werk al ruim 10 jaar, want ik was erbij toen in maart 2008 het proefproject Regiekamers gelanceerd werd in Hasselt. Uiteindelijk loopt alles nu wel vlotter, maar het is een moeizaam proces geweest. Er is veel energie en inzet in gekropen omdat we onder meer veel technische hindernissen hebben moeten overbruggen. We zijn in die tijd gestart met de diensten van Geel en Turnhout. Vier maanden later stond de link gepland tussen PLDA en Quintiq (MODA-programma) maar vanwege technische problemen met PLDA heeft dat voor heel wat vertraging gezorgd. Vervolgens ondervonden de collega’s op het terrein moeilijkheden met de mobiele applicaties en zijn we finaal moeten overstappen op CODA, waar we nu nog mee werken.

Doorheen mijn carrière heb ik interne dienstverlening altijd enorm belangrijk gevonden. Naast het louter technisch plannen van de controles, wil ik in deze job dan ook oog hebben voor de noden van de mensen die die controles moeten uitvoeren.

Ik ben heel dankbaar voor de mogelijkheden die mijn carrière bij AAD&A me geboden hebben. Ik heb er zelf heel veel uit kunnen leren, maar ook de kans gekregen om mijn inzichten en verworven kennis door te geven aan tal van andere collega’s.

Laat dat nu ook juist de stimulans zijn waardoor ik mijn job steeds met plezier gedaan heb. “Heb”, want januari 2019 ga ik met pensioen. Ik wil nog zovele dingen doen en daar wil ik nu graag tijd voor vrijmaken. De onverwachte nominatie en de erkenning van de collega’s hebben me dan ook enorm veel deugd gedaan. Een bewijs dat mijn inzet geapprecieerd werd.

Annie, hoe ben je in het AEO-verhaal gerold?

Ik ben altijd al een grote voorstander geweest van het idee dat de bedrijven onze “klanten” zijn, die recht hebben op correctie informatie. Volgens mij is het ook de taak van onze administratie om hen op een klantvriendelijke manier van deze uitleg te voorzien. We moeten hen wijzen op de verplichtingen van de wet en de wijze waarop die correct moet worden toegepast.
Ik vind dat dit ook een manier is om legale handel te stimuleren, via een “opendeur”- politiek de douane gemakkelijk toegankelijk maken.
Ik pas dit ideeëngoed al toe sinds half de jaren ’80 onder het motto “Een goed geïnformeerd bedrijf maakt minder fouten” en zette deze praktijk verder als ontvanger van het douanekantoor Ronse in 1994.

In 2007 kwam voormalig gewestelijk directeur van Gent, de heer Raymond Marchal - toen nog tewerkgesteld op de dienst DACO 1 - het project “Authorised Economic Operator” bij de collega’s van de Directiediensten Gent voorstellen. Hier zag ik mijn visie op de samenwerking met bedrijven bevestigd. Om de bedrijven te begeleiden bij het AEO-proces zocht men binnen onze administratie starterscoördinatoren. Inmiddels noemen we deze collega’s klantencoördinator. Dit was totaal nieuw binnen AAD&A.
Eerst zocht men de starterscoördinatoren onder de medewerkers van niveau A en liefst bij de diensten IWECC, omdat zij onder meer belast waren met de boekhoudkundige controles van de bedrijven. Deze taak sprak mij echter ook heel erg aan omdat ze goed aansloot bij mijn visie dat onze klanten recht hebben op ondersteuning. Hoewel ik niet in de beoogde doelgroep zat heeft collega Jacky Blancke, zaliger, mijn naam toen wel opgegeven. Zo rolde ik in 2008 in het AEO-verhaal en vervul ik na 10 jaar nog steeds deze taak.

Wat beweegt je om je zowel binnen AEO als op beurzen en andere events zo in te zetten voor andere mensen?

Ik denk dat het antwoord grotendeels al in de vorige vraag vervat zit. Ik ben er na al die jaren nog steeds van overtuigd dat een open administratie en een goede doorstroming van info ervoor kan zorgen dat bedrijven en personen correct werken.
Na de inning-, controle- en stopfunctie, vind ik “informeren” een belangrijke pijler binnen ons takenpakket. Zonder twijfel moeten die drie andere kernfuncties worden uitgeoefend. Daarom hebben we ook een wetgeving en die moet worden toegepast. Daarover kan niet worden geredetwist, maar onze wetgeving is niet altijd eenvoudig of gemakkelijk. Enige uitleg, vanuit onze administratie zelf, lijkt me toch wel aangewezen.

Als klantencoördinator ben ik ook SPOC “single point of contact”. De SPOC aanspreken geeft aan de bedrijven de mogelijkheid om een communicatie, ook met andere diensten/collega’s, op te starten.

Heb je leuke reacties gekregen op deze nominatie?

Zeker, heel wat collega’s vonden dit tof of vonden dat er voor de regio Gent een goede keuze was gemaakt.
Maar zelf wil ik hier ook iets belangrijks aan toevoegen. Ik vind dat ik deze nominatie niet alleen voor mezelf heb verdiend. Deze erkenning geldt evenzeer voor alle collega’s waarmee ik samenwerk. Als ik als klantencoördinator/SPOC goed functioneer, dan is dat ook te danken aan deze mensen bij wie ik altijd terecht kan voor antwoorden, suggesties, gesprekken, info, ondersteuning, enz … zonder hen zou ik mijn “marketing” niet zo goed kunnen uitvoeren.
We danken alle collega's die aan deze reportage hebben willen meewerken van harte en wensen hun nog veel succes.

Tekst & opmaak: A.V.P.
Foto: Claude G.R. Heyman
Claudine Rosier
Willy Troubleyn
Andy Pfeiffer
Annie Vanherpe
Luc Mas
Philippe Authelet